Sawadee!
Deze keer een update vanuit het noorden!
Vorige keer zaten we in Sukhothai waar we dinsdag het historisch park per fiets hebben verkend. Wederom veel ruines, gelijkend op die in Ayutthaya, maar net een iets andere stijl.
Het werd tijd voor wat echte tempels in plaats van ruines, dus vertrokken we woensdag richting het noorden, naar Chiang Mai om precies te zijn. Het leek een redelijk luxe bus, deze had in ieder geval airco, maar algauw merkten we dat de schokdempers niet meer zo goed werkten… We zaten letterlijk te stuiteren in onze stoelen! Dit was nog erger dan de goedkope bussen die we daarvoor hebben gehad… Na een nogal hobbelige busrit van zo’n 5 uur arriveerden we op het busstation in Chiang Mai. Nog niet half uit de bus gestapt, werden we al besprongen door tig mannetjes die ons een ride naar het hostel wilden geven. Gauw maar eentje uitgekozen, want zolang we niemand hadden aangewezen, bleven ze zich opdringen. In Sukhothai hadden we een leuk stel ontmoet die net uit Chiang Mai vandaan kwamen, zij hadden in het Smile Guesthouse verbleven, en dat was goed bevallen. Daar gingen we dus naar op weg. Fijne kamers met airco, en een zwembad in de ‘tuin’. Eenmaal gesetteld, besloten we de omgeving te verkennen. Per tuktuk lieten we ons naar de Night Bazaar rijden, een van de meest touristische attracties van Chiang Mai. Toen we daar aankwamen, wisten we waarom: overal waar je keek rijen en rijen stalletjes op straat en in een soort markthal die allemaal dezelfde spullen verkopen. We zijn maar gewoon gaan ‘verdwalen’ om te kijken wat ze zoal aanboden. Algauw ontdekten we ook allerlei eetstalletjes, waarbij we ons tegoed deden aan het lekkers!
Donderdag bezochten we Wat Phra Doi Suthep (een klooster op de berg Doi Suthep). We keken onze ogen uit! Alles blinkend en van goud! Prachtig! Gelukkig was het niet zo heel druk, waardoor we op ons gemak konden rondkijken en foto’s maken, want dat was hier bepaald geen straf! We hebben ons laten ‘zegenen’ door een buddhistische monnik, en hebben een ‘good luck’ armbandje gekregen. Wel bijzonder om eens te hebben meegemaakt. Daarna bezochten we Wat Chiang Man. Daar ontmoetten we een chauffeur die ons voor 100 baht wel twee tempels (die we sowieso nog wilden bekijken) wilde laten zien, en ons naar Bo Sang wilde brengen. Bo Sang wordt ‘umbrella village’ genoemd, omdat ze er o.a. fabriekjes hebben waar ze (duh) parasols maken en beschilderen. Maar naast parasols zijn er ook nog winkels waar je juwelen, zijden/cashmieren maatpakken, lacquerware (gelakte bamboe gebruiksvoorwerpen), zilver, enz. kan kopen. Natuurlijk gaan daar massa’s toeristen naartoe, allemaal gebracht door chauffeurs zoals de onze, die hopen commissie op te strijken door mensen die zich laten verleiden door alle hebbedingen. Wij hebben daar niks gekocht (wij zijn nederlanders: kijken kijken, niet kopen), het was ook haast onbetaalbaar, maar het was wel grappig om te zien hoe al die dingen gemaakt worden. We hebben toch het proces van juwelen/sieraden maken, zijde weven, tapijt knopen, parasols en lacquerware maken gezien. Daarna hebben we nog de Wat Chedi Luang en de Wat Phra Singh bekeken. Toen vonden we het wel genoeg geweest, het was een erg lange middag…
Vrijdag (vandaag) hebben we een Thaise kookcursus gedaan bij Baan Thai Cookery School. Om half 10 werden we opgehaald, en met een groepje van 7 togen we onder leiding van onze docent-kokkin naar een locaal marktje (waar het wemelde van de kook-klasjes). We kregen uitleg over alle veelgebruikte ingredienten van de Thaise keuken: allerlei groenten, fruit, vlees/vis, kruiden, noodles en rijst. Het duizelde ons van alle geuren (en van de visboer die we zojuist een vis hadden zien onthoofden)! Terug bij de kookschool gingen we zelf aan de slag. Ieder kon 6 gerechten kiezen die we gingen maken en daarna uiteraard mochten opeten
Gijs en ik probeerden natuurlijk zoveel mogelijk verschillende dingen. Nu kunnen we stirfried prawn with curry powder, spring rolls, hot and sour prawnsoup, chiang mai noodle with chicken, red curry, deep fried banana, fried cashew nut with chicken, chicken in coconut milk, green curry with chicken en mango with sticky rice maken! Om 15.30u was de middag afgelopen, en we kregen een receptenboekje mee zodat we thuis ook nog eens Thais kunnen koken! Super leuk om een keer gedaan te hebben! Het was ook een erg gezellig groepje, dat heel toevallig bestond uit 6 Nederlanders (zoveel hadden we er tijdens deze reis nog niet bij elkaar gezien). De rest van de middag brachten we lezend aan het zwembad door. ‘s Avonds gingen we weer naar de Night Bazaar, ditmaal om souvenirs in te slaan!
We verbazen ons er over hoe goedkoop alles hier is! Ter vergelijking:
- een flesje cola van 0,6 liter kost hier 15 baht (= 30 cent)
- een 1,5 liter fles water kost 10 baht (= 20 cent)
- een flink bord fried rice with chicken (lijkt op nasi) kost 40 baht (= 80 cent)
- een busrit van 5 uur in een airco bus kost 240 baht (= 5 euro)
- een 3e klas treinkaartje voor een uur treinen kost 13 baht (= 26 cent)
- een 2e klas treinkaartje (airco) voor 3 uur treinen kost 390 baht (= 8 euro)
- een overnachting in een airco kamer met eigen douche en toilet kost tussen de 400 en de 700 baht (8 tot 14 euro) per kamer.
Morgen an het eind van de middag vliegen we met Thai Airways met een binnenlandse vlucht naar het zuiden. We hebben overwogen om die afstand met de trein te overbruggen, maar dat kost zo ontzettend veel tijd..! Alleen van Chiang Mai naar Bangkok met de nachttrein duurt al 12 uur, en dan moet je nog vanuit Bangkok ongeveer zo’n zelfde afstand naar het zuiden… Terwijl je het met 2 uurtjes vliegen achter de rug kan hebben! En voor de prijs hoef je het ook niet te laten!
Volgende update dus vanuit een strand-achtiger omgeving!
Liefs, Josine
Gijs’ wist-je-datjes:
-In Thailand eten ze altijd met een vork en een lepel. Nu weet ik wel dat er mensen zijn, en daar wil ik me bij deze van distantieren, die in Nederland hetzelfde doen. Het is onkies om de vork in je mond te stoppen.
-Als je ergens drinken koopt krijg je er automatisch rietjes bij. Vaak zijn de rietjes wel een stuk korter dan de fles hoog is dus noodgedwongen moet je dan toch vaak de fles aan je lippen zetten.
-Dat drinken kun je hier overigens ook kopen in plastic zakjes (soort boterhammenzakjes met hengsels).
-Dat concurrentie hier tegelijkertijd een normaal maar ook vreemd begrip is. Ze concurreren namelijk bijna alleen op prijs (lees: ze zijn binnen een stad allemaal even duur maar in een stad met bijv. veel dezelfde winkels is de prijs lager dan in een stad met weinig van die winkels). Op assortiment of service concurreren doen ze niet. Het is hier heel normaal dat je op een markt wel 10 kraampjes met exact hetzelfde tegenkomt.