Reisverslag Jordanie (Deel 1)

Halverwege onze vakantie wordt het zo langzamerhand eens tijd voor een verhaaltje 😉

Na een voorspoedige vlucht landden we rond 18u in Amman  Vanuit het vliegtuig hadden we al gezien hoe dor en droog het in de omgeving van het vliegveld was.  Eenmaal door de douane, wachtte onze taxichauffeur van het hotel ons al op. Eerste indruk: aangenaam temperatuurtje (27 graden), lekker windje, mooi warm gouden zonlicht zo aan het einde van de dag.
We werden in een uur tijd naar ons hotel gereden. Onderweg kwamen we langs de garagebuurt, de meubelbuurt, de kledingbuurt, de witgoedbuurt, enzovoort. Na een rustige hobbelweg in het begin, werd het hoe langer hoe drukker, des te dichter we bij het centrum in de buurt kwamen. En laat ons hotel nou net ‘ down town’  liggen. Het getoeter werd almaar meer en luider. Er zijn zoveel redenen om te toeteren: ‘ hallo’, ‘ik wil je inhalen’, ‘het is groen’, ‘ rij eens door’, ‘ voetganger, je loopt in de weg’, of gewoon ‘omdat het kan’ . Aan de drukste straat lag ons hotel. Wat een lawaai! Verkeer, wegwerkzaamheden, sirenes van ambulances/politie autos. Gauw ingecheckt en wat gaan eten bij ‘ Cairo’ , een soort snackbar voor Midden-Oosten-eten. Op plastic roze disney borden kregen we onze kebab opgediend 🙂 Daarna gauw terug naar het hotel en lekker ons bed in.

Na een matige nacht slaap door het voorbij razende verkeer togen we de volgende dag Amman in. Op zich was er weinig bijzonders te zien. We bezochten een amfitheater, de Souq, en de Citadel, en daarmee hadden we Amman wel een beetje gehad. Te druk en lawaaierig naar onze zin.

De volgende dag haalden we de huurauto op. Met een taxi gingen we naar het verhuurkantoor, en daar leerden we meteen ons eerste lesje: taxi chauffeurs krijgen geen fooi, ze nemen fooi. Oftewel, je krijgt gewoon geen wisselgeld terug. Ze stappen in en rijden weg… Nou ja zeg 😉
Na een moeizame start (automaat, niet gewend aan het drukke toeterende verkeer, niet weten of de weg nou uit 1, 2, 3 of 4 rijbanen bestaat, en enige onenigheid met de navigatie die de engelse vertaling van het arabisch niet altijd herkent), gingen we op weg naar Jerash.

Jerash is een oude Romeinse stad waar nog erg veel van over is. Met name het Nymphaeum, de zuilengalerijen en wederom een amfitheater warden de hoogtepunten. Na 3 uur kregen we honger en leerden we wederom een kant van de Jordaanse cultuur kennen. Na enige aarzeling om 10 JD neer te tellen voor een lunch zakte de prijs als vanzelf naar 6 JD. Als Nederlander ga je dan wel overstag natuurlijk. Omdat we Amman wilden vermijden en de navigatie dus wat problematisch was gingen we met wat kleine omwegen richting Madaba. Onderweg stopten we even bij Mount Nebo. De plek waar Mozes het beloofde land voor het eerst zag en vanwege de consternatie meteen dood neerviel. Het was zeker een schitterend uitzicht in het namiddaglicht maar als ik Mozes was had ik nog wat verder doorgelopen want ook Israel zag er vanuit Mount Nebo erg droog en dor uit.

In Madaba hadden we een prima hotel, Hotel Mariam, inclusief zwembad. Dat werd dus even stof afspoelen voor het eten. Na een goede nacht zijn we naar de Dode Zee gereden via een mooie panorama weg. In Jordanie zijn ze heel goed in het geld vragen voor zaken die in de meeste andere landen gratis zijn. Zo kostte een bezoek aan het strand ons zo’n 15 euro p.p. Voor dat geld verwacht je wel dat de modder inclusief is, maar helaasch…3 euro p.p. De Dode Zee is inderdaad erg…dood. De bacterien aan de buitenkant van je lichaam (en in kleine wondjes) ben je wel kwijt na even badderen. De bacterien op m’n voetzolen kregen nog een nabehandeling door het hete zand. Wel erg bijzonder om in olie-achtig water niet te kunnen zinken. Duiken hebben we niet geprobeerd want de oog-geneeskunde staat hier niet op zo’n hoog niveau. Terug in Madaba hebben we een bezoek gebracht aan een orthodox Griekse kerk met een mozaieken plattegrond van het Midden-Oosten. Ik (Gijs) vond het als landkaarten liefhebber erg interessant maar Josine was wat minder onder de indruk.

De volgende dag zijn we echt actief geworden. In Wadi Mujib hebben we op eigen houtje gecanyoningd (?) op de Siq trail. 2km waden door een diepe en nauwe kloof van prachtig rood zandsteen. Onderweg kwamen we uiteraard wat watervalletjes en stroomversnellingen tegen. Josine heeft haar collectie ‘ littekens-opgelopen-in-watervallen’  weer uitgebreid uiteraard (een goedkoper souvenir vind je nauwelijks). Echt een mooie ervaring.

Na ons water-avontuur gingen we door naar het kruisvaarderskasteel Kerak. Helaas was daar de ervaring wat minder mooi. Een paar jongetjes meenden ons te moeten helpen met parkeren (we stonden eigenlijk al goed) en vroegen daar naar goed gebruik geld voor. Onzin uiteraard dus wij besloten niks te geven, en liepen naar het kasteel. De jongetjes bleven rond hangen bij de auto en naar binnen kijken dus wij hadden een onbehaaglijk gevoel tijdens ons bezoekje aan het kasteel. Het werd dus ook maar een bliksem bezoek. Bij terugkomst bij de auto gelukkig geen lege banden of andere schade opgemerkt, dus gauw gingen we weer verder.

Naar het Dana Nature Reserve ging de reis. Na een behoorlijke rit, kwamen we aan het eind van de middag in Dana Village aan. Waar net de ondergaande zon prachtig de Wadi Dana bescheen, en we konden genieten van een prachtig uitzicht. Een stel gieren verblijdde ons met hun sierlijk rondglijden in de thermiek boven de eco lodge. Die avond genoten we van een gezamenlijk avondmaal met de andere lodge-gasten. Overheerlijk en erg gezellig! We ontmoetten Mark en Sandra, met wie we de volgende dag (= vandaag) een hike deden door Dana Nature Reserve. Zij hadden een gids geboekt, en vroegen ons of we met hen mee wilden. Een geweldige ervaring! De gids, Ahmed, was een grappige en kundige kerel. Zelf herder en jager in het gebied geweest, kende hij natuurlijk alle paadjes en weggetjes. Hij liet ons de mooiste plekken en prachtigste uitzichten van het park zien. Onderweg stopten we verschillende keren, als hij ons enthousiast wees op een groepje wilde Ibexen (= steenbokken) die nogal moeilijk te spotten zijn als leek. Ook zagen we gieren en arenden. Kruiden, make-up stenen, noem maar op, we hebben het allemaal gezien 🙂  Bijna aan het einde van de hike, stopten we op een rots met een onmogelijk mooi en wijds uitzicht voor een versgezet kopje thee.
Na afloop van de hike, reden we via een ander kruisvaarderskasteel (Shobak) naar Aqaba, de strandbestemming aan de Rode Zee, waar we nu zijn. De Rode Zee is trouwens niet rood, wij daarentegen wel… Morgen gaan we snorkelen (worden we nog roder van) en lekker een dagje relaxen. Daarna rijden we richting woestijn.

Tot een volgend verhaal! (Of onze échte verhalen bij thuiskomst)

Groetjes, Gijs en Josine

p.s. Foto’s komen later een keer online.

2 thoughts on “Reisverslag Jordanie (Deel 1)”

  1. Lieve Josine en Gijs,

    Zo te zien vermaken jullie je prima daar 🙂 gave dingen die jullie allemaal al gezien en gedaan hebben daar! Geniet ervan met zn tweetjes!

    Tot gauw,

    liefs, Nardie

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *