Malang, dansen op de vulkaan, en ferry naar Bali

Om 5.15u ging de wekker. Snel aankleden, ontbijtpakketje mee, en om 5.45u stapten we in de taxi naar het station. Het mannetje bij wie we de treintickets hadden gekocht had ons verteld dat we een uur van tevoren op het station moesten zijn om onze tickets via e-incheck te claimen. De trein zou om 7.30u vertrekken, en met een té ruime marge ingecalculeerd in verband met de mogelijke spits waren we véél te vroeg op het station.

Dus we hadden ruim de tijd om wat te eten te kopen voor onderweg, een boekje te lezen, en ondertussen een beetje om ons heen te kijken hoe het er op een Indonesisch station aan toe gaat :). Geregeld moesten we even onze voeten optillen om schoonmaak-personeel al vegend en dweilend langs te laten. Een omroeper met microfoon vertelde ‘live’ op het perron welke treinen er aankwamen en vertrokken. En in de trein is een scala aan personeel in een duidelijke hiërarchie werkzaam: schoonmakers, restauratiedienst, controleurs, beveiligers, machinist, en ook een soort ‘baas’. Voor vertrek doen ze gezamenlijk een militair appèl. Eindelijk kwam dan ook onze trein het station binnenrijden. We hadden een pimg_2725rima klasse, executiv, met veel beenruimte en een rugleuning die je kon neerklappen. De treinreis duurde ruim 8 uur en kostte ons voor 2 personen nog geen €30,-. Het uitzicht bestond uit rijstvelden, rijstvelden, rijstvelden, werkende mensen in rijstvelden, palmbomen, bananenbomen, rijstvelden en rijstvelden. Maar het was ongetwijfeld een boeiender uitzicht dan wanneer we met de bus zouden zijn gegaan! Bovendien was de trein ook een stuk sneller. Naarmate we Malang naderden werd het heuvelachtiger. We hebben verder veel geslapen en gelezen onderweg. Rond 15.30u kwamen we aan in Malang. We namen een taxi naar ‘Cozy guesthouse’, en betaalden voor Indonesische begrippen (uiteraard) veel te veel voor de taxi, aangezien we geen flauw idee hadden hoe ver/lang het rijden was en we dus ook geen indicatie hadden hoe duur het ongeveer zou moeten zijn. Ach ja, heeft die taxichauffeur in ieder geval een goede dag gehad ;).

Malang
Het guesthouse was meer een boutique hotel in een mooie groene wijk. We installeerden ons, fristen ons even op, en namen een taxi naar wat in de reisgids stond beschreven als de ‘food nightmarket’, het leek ons leuk om daar een hapje te eten. We werden naar de betreffende plek gebracht door de taxi, maar na de hele straat op en neer te zijn gelopen kwamen we tot de conclusie dat er daar toch echt geen food nightmarket te bekennen was… Na een tijdje zoeken, vonden we ergens een stukje verder weg gelegen van de straat een soort halletje met een stuk of 8 food-stalletjes. Bij sommige stalletjes hing een bord met foto’s van de gerechten die je kon eten, maar ze spraken geen engels, en er was ook geen engelse vertaling van de menukaart, dus we hadden geen idee wat we precies zouden gaan eten. We gingen aan een laag campingtafeltje met dito stoeltjes zitten bij het stalletje met de meeste klandizie, en vertrouwden op de verkoper annex kok die in stonecoal-english probeerde duidelijk te maken dat hij wat lekkers voor ons zou koken. Algauw stond er een dampend bord ‘soep’ voor onze neus, met groenten, tofu, ei, een soort gefrituurd deegballetje van geen idee wat precies, en samengeperste balletjes rijst. En lékker dat het was! Allebei een colaatje erbij, en toen we het op hadden rekenden we 30.000 Rupiah (€ 2,10) af en namen een taxi terug naar het guesthouse.

De volgende dag sliepen we lang uit. Bij dit guesthouse was geen ontbijtgelegenheid, dus gingen we bij het bakkertje op de hoek ontbijten. We bezochten daarna een flower market (hetgeen meer een plantencentrum bleek) en weer een bird market waar ze ook allerlei vissen en aquarium attributen verkochten. We aten een gebakje bij ‘the Harvest cakes’ (gevonden via tripadvisor), een hele sjieke patisserie zaak waar wij ons enigszins misplaatst voelden in onze korte broek en op slippertjes. Bizar was dat 1 gebakje al ruim duurder was dan het avondeten voor 2 personen inclusief drankjes van de avond ervoor..! Daarna slenterden we nog wat rond. Er is niet zo veel te beleven in Malang, maar toch komen er wel redelijk wat toeristen omdat het (net als door ons) vaak gebruikt wordt als tussenstop op weg naar de vulkanen in Oost-Java. Op zoek naar een leuk restaurantje voor avondeten vonden we (ook weer via tripadvisor) het MLG cafe. Bij aankomst bleek het een trendy ingerichte hipster koffiebar, met eigenlijk niet echt een avond-menukaart. Nou ja, dan ‘noodgedwongen’ maar weer een koffie ;). De vriendelijke eigenares wilde heel graag haar engels met ons oefenen, en uiteraard moesten we ook met haar op de foto. Na de koffie liepen we weer verder, op zoek naar een plek waar we wel wat konden eten. We vonden een restaurant, waar ze de helft van wat er op de menukaart stond niet bleken te hebben. Zelfs standaard dingen zoals frisdrank…! Na een paar keer iets te willen bestellen wat ze niet hadden, vonden we dan toch uiteindelijk een gerecht dat ze wél hadden. Het smaakte prima, maar een beetje vreemd vonden we het wel… Eenmaal terug in het hotel was het weer tijd om onze tassen in te pakken. We namen een douche en kropen om 21u in bed. Even een paar uur proberen te slapen, want om 00.00u zouden we worden opgehaald door Helios Tours voor onze tour naar de vulkanen Bromo en Ijen!

Bromo
Iets verlaat, om 00.30u, werden we opgepikt. De rest van de groep waarmee we gingen zat al in het busje: twee Nederlandse broers, twee Nederlandse vriendinnen, een Portugees stel en twee Colombiaanse vriendinnen. En daar voegden Gijs en ik ons bij. Slaapdronken doezelden we in het busje algauw weer in. Na zo’n 3 uur rijden moesten we van het busje overstappen in een jeep. Het was nog pikkedonker en in de hobbelende jeep stuiterden we alle kanten op! Wat had ik gewild dat ik iets eerder aan mijn reistabletjes had gedacht, er leek geen einde aan te komen… Zo’n 45 minuten later (en een paar flinke blauwe plekken rijker) stopten we bij een uitzichtspunt op Gunung Penanjakan (2770m). Het was behoorlijk koud..! Gewapend met zaklamp/koplamp moesten we een klein stukje lopen. Ondanks het vroege tijdstip heerste er al een behoorlijke bedrijvigheid op weg naar boven: locals die warme jassen aan toeristen verhuurden, gidsen die hun diensten aanboden, mannetjes die mais op de bbq aan het grillen waren, en vrouwtjes die beertjes gemaakt van bloemen verkochten als offer om de vulkaan gunstig te stemmen. Bij een theehuisje konden we nog eventjes binnen zitten wachten. We kregen een grote mok thee of koffie en een pisang goreng (gebakken banaan) om op te warmen. Toen de eerste streep licht aan de horizon verscheen, vertrokken we naar het viewpoint. Naarmate de zon verder opkwam openbaarde zich langzaamaan een prachtig kleurenpalet van paars-blauw-roze-oranje-geel in de lucht! En naarmate het schemerig en steeds lichter werd, werd ook de vulkaan meer zichtbaar! We waren sprakeloos… Wauw, wat was dat prachtig! Het feit dat we daar met honderden andere toeristen stonden deed wel enigszins afbreuk aan de ervaring, maar het uitzicht op de lucht met de opkomende zon en de vulkaan bleef natuurlijk hoe dan ook fantastisch mooi en heel bijzonder!

dsc07337img_2782

 

 

 

 

 

 

Onze gids wist nog een klein paadje van waaruit we nog een ander goed uitzicht hadden. Nadat we daar ook uitgekeken waren, gingen we met de jeep weer omlaag de krater in en reden door de ‘sea of sand’. Vanuit daar was het nog een klein uurtje lopen door het stoffige zwarte vulkanische as/zand en beklommen we een steile trap van 253 treden om boven bij de rand van de krater te komen. Onderweg naar boven hoorden we vanuit de verte al wat gerommel, maar eenmaal boven op de kraterrand was het ‘grommen’ van de vulkaan héél indrukwekkend! Alsof er continu een straaljager naast je vliegt, je voelde het gewoon trillen in je borstkas! Vanuit de krater bleven de stoomwolken onverminderd opstijgen. Af en toe knepen we onszelf. Het voelde zo onwerkelijk dat we bovenop een actieve vulkaan in een krater stonden te turen..!

dsc07424dsc07442

 

 

 

 

 

 

Bij deze weer even wat achtergrondinformatie. De Bromo vulkaan ligt in het Bromo Tengger Semeru Nationaal Park. Oorspronkelijk was het een grote andere vulkaan (Tengger) die is uitgebarsten en waarvan de krater is ingestort en het magma reservoir daaronder door het puin en het zand is geblust. In die grote met vulkanisch zand/as gebluste krater (van 10km doorsnee) zijn 3 nieuwe vulkanen ontstaan, waarvan Gunung Bromo er één is. De afgelopen decennia is de Bromo vulkaan ongeveer iedere 5 a 10 jaar uitgebarsten. Dan worden er veiligheidsmaatregelen getroffen, mag de vulkaan uiteraard niet beklommen worden, en is er een veiligheidszone van een aantal km ingesteld (dichterbij mag je dan niet komen ivm risico op explosies, lava, rondvliegend gesteente e.d.).

Na een tijdje gefascineerd boven bij te krater te hebben staan kijken, daalden we de steile trap weer af naar beneden. Bij de jeep wachtte ons een ontbijt-box. Een ontbijtje ging er intussen wel in, want een vulkaan beklimmen maakt hongerig! Met de jeep hobbelden we weer terug naar het busje, waarmee we verder richting Oost-Java reden. Onze volgende bestemming was Bondowoso, uitvalsbasis voor een bezoek aan de Ijen vulkaan. De rit duurde weer enkele uren. Aangezien we een raar ritme hadden (van heel vroeg naar bed gaan, paar uurtjes slapen, opstaan, busje in, rijden en half slapen, halverwege de nacht weer opstaan om bij zonsopkomst de vulkaan te beklimmen), hebben we overdag tijdens de busrit vooral geslapen. Halverwege maakten we een lunch stop en strekten even onze benen. Daarna reden we weer verder, en rond 16u kwamen we aan in Bondowoso. Het ‘Ijen view hotel’ was een enorm hotel, beetje vergane glorie, maar prima comfortabel. We waren stoffig van het zwarte vulkaanzand en plakkerig van de hitte in het busje zonder airco, dus sprongen we onmiddellijk onder de douche!

img_3044

We aten ‘s avonds in het restaurant van het hotel wat, aangezien er verder in de buurt weinig te beleven viel… Om 21u kropen we ons bed weer in, want om 00.00u zouden we weer met het busje vertrekken richting de Ijen vulkaan!

Ijen
Volgens planning stapten we om 00u het busje weer in. Het was ongeveer 2 uur rijden tot het startpunt, en in het busje dommelden we weer in slaap. De moedige deelnemers van de groep (waaronder Gijs) begonnen met een gids om 02u aan hun ‘expeditie’ naar de blue flames. Blue flames is een natuurlijk fenomeen waarbij zwavelgassen op hoge temperatuur en onder hoge druk ontsnappen uit spleten tussen de rotsen in de krater en ontbranden wanneer ze in contact komen met zuurstof. Dit proces gaat 24 uur per dag door, maar is alleen zichtbaar wanneer het ‘s nachts donker is. Als de brandende gassen afkoelen, ontstaat het mineraal zwavel.

Gijs begon dus om 02u aan de wandeling de vulkaan op tot de kraterrand (op 2368m hoogte). Ondanks het tijdstip en de pittigheid van de tocht was het enorm druk, het wemelde van de Chinezen en Japanners die ook de krater in wilden… Vanuit de kraterrand waren de blue flames goed te zien. img_3049Daarna volgde de afdaling over een steil rotsachtig pad naar het rokende zwavelzuur- en zoutzuur-houdende kratermeer beneden (Kawah Ijen, op 2148m). Ondanks het gasmasker dat ze voor hun veiligheid hadden gekregen, waren de zwaveldampen soms letterlijk adem benemend..! Beneden waren de blue flames helaas niet meer te zien. De gids, tevens zwavel-mijnwerker van beroep, kende de weg uiteraard goed en probeerde nog een plek te vinden waar de blue flames wél te zien waren. Maar op een gegeven moment blies de wind de rook en zwaveldampen precies de verkeerde (lees: hun) kant op, en toen was het hoesten geblazen en met tranende ogen zo laag mogelijk gehurkt zitten totdat de wind draaide en de rook weer de andere kant op waaide. Daarna aanvaardden ze maar gauw weer de tocht omhoog naar de kraterrand. Het was een opluchting om eindelijk weer uit die zwaveldampen te zijn! En dan te bedenken dat de mijnwerkers dagelijks (soms wel 2x) die hele tocht afleggen met als enige bescherming tegen de schadelijke zwaveldampen een katoenen sjaal die ze om hun neus en mond hebben gewikkeld. In de krater zijn ze wel even bezig om per ‘load’ 80 kg aan zwavelblokken uit te hakken, die ze vervolgens in dubbele manden over hun schouders naar de kraterrand en vervolgens naar de voet van de vulkaan dragen. Hun ‘salaris’ bedraagt  700 Rupiah per kilo. Een klein rekensommetje leert ons dat zo’n mijnwerker dan nog net geen € 4,- heeft verdiend voor zo’n 6 uur fysiek zwaar en gezondheidstechnisch gevaarlijk werk. Maar de gids vertelde dat ze wel ‘moeten’, er is geen ander werk in de buurt, en ze hebben de inkomsten nodig om hun gezin te onderhouden. De zwavel die ze uithakken wordt gebruikt in cosmetica en medicijnen, en wordt toegevoegd aan kunstmest en insectenbestrijdingsmiddelen.
De minder heldhaftige deelnemers van de groep (waaronder Josine) bleven in de tussentijd nog ongeveer 2 uur in het busje om nog wat te slapen. Wij startten om 04u de tocht omhoog naar de kraterrand. Het was nog pikkedonker, en ik heb nog nooit in mijn leven zoveel sterren aan de hemel gezien, prachtig! De steile wandeling omhoog duurde een stuk langer dan gedacht omdat een van de groepsleden (and it wasn’t me! 😉 ) last had van hoogteziekte en dus maar langzaam vooruit kwam. Met vlagen rook je soms de zwavel geur (een vieze ‘rotte eierlucht’). Sunrise op de kraterrand hebben we helaas niet gehaald. De rest van de groep die beneden in de krater was geweest, had op de kraterrand op ons gewacht. We besloten een paar foto’s te maken van de mijnwerkers, en hen daar wat voor te betalen. Volgens de gids was 2000 Rupiah (€ 0,15) een gepast bedrag. Hun salaris voor het 10 seconden poseren voor een toeristenfoto is dus het equivalent van 6 uur lang met 3 kg zwavel sjouwen. Een sigaret als betaling had ook gekund… Ach ja, na al die zwaveldampen kan dat beetje sigarettenrook extra in hun longen er ook nog wel bij… :S. Het was koud en winderig boven, dus we liepen weer naar beneden, dat ging gelukkig een stuk sneller. Nu de zon op was, was het meteen ook een stuk warmer, dus de warme jassen en fleecetrui gingen algauw uit. Beneden bij het busje aten we ons ontbijt. Dat werd tijd, want we hadden er al een halve dag opzitten!

dsc07497

img_2828

 

 

 

 

 

 

dsc07502

We vertrokken weer met het busje richting Ketapang, de haven op het meest oostelijke puntje van Java, een paar uur rijden van Ijen. Onderweg stopten we bij een kleine koffieplantage waar onze gids ons wat uitlegde over koffiesoorten, o.a. over de hele bijzondere luwak-koffie. Het is een van de duurste koffiesoorten ter wereld, vanwege het bijzondere productieproces. Een luwak (= soort civetkat) eet de rauwe rode koffiebessen en poept de pitten weer uit. Deze pitten worden gewassen, gedroogd, van hun schil ontdaan en vervolgens licht geroosterd. De bijzondere smaak van de koffie ontstaat door het fermentatieproces in de darmen van de luwak. De koffie is zo duur omdat de uitgepoepte pitten vaak lastig te vinden zijn. Een heel stuk verderop stopten we bij een koffiewinkeltje langs de kant van de weg waar je die luwak koffie kon proeven en kopen. Gijs als fervent koffieliefhebber kon deze kans uiteraard niet aan zijn neus voorbij laten gaan, en kocht een pakje luwak koffie :).

Rond de middag arriveerden we in Ketapang, waar we afscheid namen van (een deel van) de groep die een andere ferry naar Bali moest hebben. De twee Nederlandse broers gingen toevallig naar dezelfde plaats op Bali waar wij ook naartoe gingen, dus met hen hebben we tijdens de overtocht ook nog opgetrokken. De overtocht duurde zo’n 45 minuten, en onder het genot van karaoke van locale Balinese bands hebben we ons die drie kwartier prima vermaakt ;). We namen een taxi naar onze eerste plaats van bestemming op Bali: Pemuteran.

2 thoughts on “Malang, dansen op de vulkaan, en ferry naar Bali”

  1. Wat een prachtige foto’s. Je enthousiaste verhaal erbij maakt duidelijk hoe indrukwekkend de vulkaan moet zijn. Je beschrijving van het geluid…..ik geloof dat ik me niet prettig gevoeld zou hebben. Geweldige ervaring!!

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *