Pokhara en Ghorepani Circuit trekking

In de first class airconditioned tourist bus gingen we naar onze volgende bestemming. Nou, dat was wel even een reality check: een -op ons tweeën na- lege bus die toch richting Pokhara reed… Onderweg kwamen we door armoedige dorpjes bestaande uit 2-kamer lemen hutjes van 4 x 4 meter, met rieten of golfplaten daken, die bewoond werden  door een hele familie inclusief geiten, honden en soms zelfs koeien (of de beesten stonden buiten onder een afdakje, bij de iets rijkere families). De keuken besloeg een van de twee ruimtes, de andere ruimte was de woonkamer annex slaapkamer. Vaak was er nieteens een toiletvoorziening in huis, maar een houten hokje met hurktoilet gedeeld door het halve dorp. Poeh, dat was wel even slikken… We hadden wel gelezen dat Nepal een arm land is, maar dat wat we zagen stel je je bij landen in Afrika voor…

Even ter vergelijking: een gemiddeld Nederlands jaarinkomen bedraagt $ 42.000,-,  een gemiddeld Nepalees jaarinkomen bedraagt $ 1.250,- (bron: Quest). Een taxichauffeur die we later ontmoetten, vertelde ons trots dat hij 8000 rupees (nog geen € 60,-) per maand verdiende. Een vast inkomen, ongeacht het aantal ritten dat hij maakte of de afstand waarover hij mensen vervoerde. Hij had geen eigen auto (want dat kon hij niet betalen) maar chauffeurde in de auto van zijn werkgever (een guesthouse waar we verbleven). Hij werkte 7 dagen per week 365 dagen per jaar. Wij betaalden het guesthouse voor een rit van ongeveer 1,5 uur zo’n 1800 rupees: bijna een kwart van het maandsalaris van de taxichauffeur… En nu verdienen taxichauffeurs in Nepal nog relatief veel in vergelijking met mensen in sommige andere beroepen… Diezelfde taxichauffeur vertelde ons minstens net zo trots dat hij zijn dochtertje naar een ‘boarding school’ kon laten gaan dankzij zijn goede salaris. Boarding school staat in hoog aanzien, want daar staan goede docenten voor de klas. Op een gewone (staats)school geven ‘vriendjes van de regering’ onderwijs, die nieteens lesbevoegdheid hebben. Tot zover deze informatie waar wij even stil van werden…

Rond het middaguur stopten we voor een lunchpauze. We moesten (kwamen we per toeval achter) overstappen van bus. Pas toen kwamen er (gelukkig!) meer mensen bij die ook die kant op moesten. Halverwege de middag kwamen we aan in Pokhara. We waren bijna 6 uur onderweg geweest en hadden een afstand van ongeveer 150 km afgelegd. Dat geeft jullie ongetwijfeld een vermoeden van de staat waarin de wegen in Nepal verkeren ;).  We hadden het guesthouse in Pokhara al vooruit geboekt: Sacred Valley-Inn. Op het busstation stond een regelmannetje met een bordje met onze namen. Toen wij op hem af liepen, belde hij het guesthouse dat ze hun taxi konden sturen om ons op te pikken. En zo had het regelmannetje nog veel meer bordjes met namen. Een prima oplossing voor zowel toeristen (die dan niet besprongen worden door tientallen taxichauffeurs) als hotels/chauffeurs (die niet nodeloos lang, bv door vertraging, op het busstation op hun gasten hoeven te wachten). Na te hebben ingecheckt, gingen we de stad verkennen. Een gezellige en levendige plek, met veel toeristen, restaurantjes/barretjes, massagesalons om de spieren van vermoeide wandelaars te masseren, pinautomaten, en winkeltjes met souvenirs en (nep-merk) outdoorspullen. Eerste prioriteit: 2 paar wandelstokken scoren voor onze trekking. Check! Tweede prioriteit was pinnen, want op de trekking die we gingen doen moest je uiteraard alles cash betalen. Dat bleek iets lastiger. Pinautomaten zat! Om de 20 meter zat er wel eentje. Gijs kreeg gelukkig wel geld uit een van de automaten. Maar Josine had, na een stuk of 8 pinautomaten geprobeerd te hebben, nog steeds geen geld… Dat voelde enigszins verontrustend en frustrerend. Maar met Gijs z’n budget zouden we al een heel eind komen. Josine moest nog pasfoto’s maken voor op de trekkingpermit. We gingen bij een winkeltje naar binnen om te informeren waar we pasfoto’s konden laten maken, en daar toverden ze ter plekke een wit-achtergrond-doek, een kleine digitale camera en een draadloze mini-fotoprinter uit een la tevoorschijn. Voor 300 rupees (€2,25) waren de 8 pasfoto’s een feit. Da’s nog eens wat anders dan € 12,- voor 4 foto’s in Nederland ;).
Het was alweer etenstijd dus gingen we op zoek naar een gezellig restaurantje, keus genoeg! Eten in Nepal is erg goedkoop. Voor omgerekend zo’n (maximaal) €15,- heb je met 2 personen gegeten en gedronken, inclusief toetje.  Na het eten gingen we terug naar het hotel om onze tassen klaar te maken voor de trekking waaraan we de volgende dag zouden beginnen.

Trekking
Dinsdagochtend na het ontbijt gingen we met de taxi naar het TIMS-bureau (Trekkers Information Management System). Daar moesten we een trekking-permit en een Annapurna Conservation Card kopen, a 4000 rupees per persoon per kaart. Voor Nepal-begrippen aardig aan de prijs. Maar goed, dat wisten we van tevoren, al had de regering de prijzen wel verdubbeld t.o.v. een jaar geleden… De ene kaart is een soort stempelkaart die je moet laten aftekenen op bepaalde punten onderweg, zodat ze weten wie op welk deel van de trekking onderweg is en zodat ze bij bv calamiteiten weten waar je het laatst bent geweest. De andere kaart is een soort entree voor het berggebied en bijdrage aan onderhoud daarvan.  Na dit bureaucratische oponthoud (formulier invullen, bij de balie ernaast pasfoto er aan laten nieten, bij de balie daarnaast betalen, bij een andere balie een eind verderop dezelfde procedure voor het 2e formulier) bracht de taxi ons in anderhalf uur naar Naya Pul, het startpunt van onze trekking (Ghorepani Circuit). Om 11.30u startten we onze eerste wandeldag. Omdat we nog niet zo hoog in de bergen zaten, was het vrij warm. Onderweg lunchten we bij een teahouse (dal bhat -rijst met linzencurry- en fried rice -soort nasi-) en genoten we van de mooie omgeving met groene heuvels, rijstterrassen, rivieren en dorpjes. Rond 15.30u vonden we het welletjes geweest en stopten we in een dorpje. Onze aandacht werd getrokken door een Nepalese mobiel die afging met een ringtone van de Vengaboys, en toen was onze keuze voor het teahouse waar we zouden overnachten snel gemaakt ;). We waren in de veronderstelling dat we al in Tirkedhunga waren, maar we bleken pas in Hille (1475 m. hoogte) te zijn. We waren een dorp te vroeg gestopt, maar hadden geen puf meer en besloten toch te blijven en niet verder te lopen. We wisten ook niet of we Tirkedhunga überhaupt wel zouden kunnen halen voor het donker. Dan morgen maar een iets langere wandeldag. De accommodatie was heel eenvoudig. De slaapkamer was niet meer dan een houten hokje van 3 x 3 meter, met dunne triplex wandjes en een golfplatendak en kapot zeil op de vloer, met daarin 3 bedden met dunne keiharde matrasjes. De prijs van de kamer was er ook naar: 300 rupees per nacht voor ons tweeën. Er was wel een gezellig dakterras waar we onder het genot van een flinke pot thee nog konden uitkijken over een prachtige vallei. Samen met de andere wandelaars aten we die avond aan een grote tafel op datzelfde dakterras, waarna we vroeg naar bed gingen. Je ritme tijdens de trekking vervroegt een beetje: 21u naar bed, 06u opstaan en ontbijt.

CIMG2165_2     DSC01701_2

        DSC01710_2     DSC01712_2

Woensdag was de tweede dag van onze trekking. Doordat we dinsdag te vroeg gestopt waren, moesten we vandaag wat extra afstand afleggen. Ons doel was om in Ghorepani aan te komen. Het eerste stuk ging nog wel, al was het warm en zweterig. Voorbij Tirkedhunga werd het zwaar. Tussen Tirkedhunga (1540 m. hoogte) en Ulleri (1960 m. hoogte) was het alleen maar stijgen via ontelbare stenen traptreden… Letterlijk adembenemend en heel erg vermoeiend! Gelukkig hadden we de wandelstokken waaraan we veel steun hebben gehad. Inmiddels was het beginnen te regenen. Na een korte theepauze liepen we door naar Banthani (2300 m. hoogte). Nog steeds stijgen, maar gelukkig wat minder trapjes. Daar lunchten we met momo’s (gestoomde balletjes van deeg, met een vulling van gekruide kip) in een teahouse. Wachtend totdat het eten klaar was, konden we bij de kachel weer opwarmen en onze kleren (doorweekt door zweet en regen) weer een beetje laten opdrogen. Weer een beetje bijgekomen wachtte ons het laatste stuk naar Ghorepani (2750 m. hoogte) waar we rond 15.30u doodmoe aankwamen. Het was een lange (7,5 uur inclusief pauzes) en vermoeiende wandeldag geweest, en we waren heel blij dat we er waren! Pijnlijke knieën, overbelaste bovenbeenspieren en geïrriteerde schouders (van de banden van de rugzak en het opduwen op de wandelstokken) waren de tol van deze wandeldag. In Ghorepani hoopten we op een mooi uitzicht op de Himalaya, maar de weergoden waren ons helaas niet zo gunstig gezind. Het was zo bewolkt en het regende zo hard dat we slechts een mini-glimp van de bergen opvingen. Ondanks de wens die we de eerste dag hadden uitgesproken (‘morgen zoeken we een iets minder basic accommodatie’), sliepen we toch weer in zo’n houten hokje. Meer luxe dan dat is er in de bergen gewoon niet. We realiseerden ons toen ook eigenlijk pas dat alle teahouses die hier boven staan, gebouwd zijn met materiaal dat door dragers en ezeltjes de berg op is gedragen. Niks helikopter, gewoon naar boven gesjouwd! Dus dat materiaal moet natuurlijk zo licht mogelijk zijn, anders is het niet aan te slepen… Vandaar natuurlijk die dunne triplex-wandjes en golfplaten daken. Dit keer was de overnachting zelfs gratis op voorwaarde dat je in het teahouse je maaltijd en ontbijt gebruikte. Maargoed, door onze natgeregende kleding waren we flink afgekoeld. Josine nam, ondanks zich van te voren voorgenomen te hebben dat niet te doen, een (helaas houtgestookte) warme douche (vandaar ook liever niet warm douchen). We hingen onze kleding te drogen en met een grote pot hete thee en een boek nestelden we ons weer rond de kachel. Knus! Na het eten gingen we weer optijd naar bed, want de volgende dag moesten we extra vroeg op.

CIMG2169_2    CIMG2238_2

Donderdagochtend, onze 3e wandeldag, ging om 04.45u de wekker. Snel in de kleren en een kwartier later gingen we in het donker op weg richting uitzichtspunt Poon Hill! We sloten aan bij een lange sliert wandelaars die allemaal dezelfde missie hadden: de zonsopkomst met uitzicht op de Himalaya aanschouwen. In minder dan een uur maakten we  bijna 500 hoogtemeters. Het was zwaar! Weer die stomme traptreden… Lang leve onze wandelstokken ;). Het tempo lag heel hoog aangezien we aangehaakt bleken te zijn bij een groep inmiddels goed getrainde wandelaars die al 3 weken het Annapurna Circuit aan het lopen waren, en die het dus nauwelijks moeite kostte om naar boven te komen. Naarmate we vorderden werd het steeds lichter en lichter. Maar nog steeds was er geen uitzicht. Het regende, was heel mistig, en hoe hoger we kwamen hoe kouder het werd en hoe meer last we ook kregen van onze ademhaling en van flitsende steken hoofdpijn… Rond 06u bereikten we de top (3210 m. hoogte)!

CIMG2216_2
Daar zagen we een uitkijktoren en heel veel toeristen, maar geen Himalaya en geen spectaculaire zonsopkomst… Het waaide hard en het was vreselijk koud. Daar stonden we dan, in onze tig lagen kleding (shirt, fleecetrui, softshell jas, regenjas over elkaar), bibberend in de misschien wel bijna vrieskoude ochtendlucht, hopend dat de bewolking weg zou trekken en we eindelijk de bergen zouden kunnen zien. Ondanks de omstandigheden was het stiekem best een emotioneel momentje en overviel ons een gevoel van trots dat we het gehaald hadden! Een aantal jaren geleden hadden we nieteens kunnen denken dat zo’n intensieve wandeltocht überhaupt mogelijk was! We bleven boven nog even rondhangen in de hoop toch nog iets van het uitzicht te zien. Af en toe werden flarden bewolking opzij geblazen, en onder luid gejuich van alle toeschouwers werd dan heel even een klein stukje berg zichtbaar. Dit gebeurde een paar keer, maar meer hebben we helaas niet van de bergen gezien… :(.  Toch krijg je wel een indruk van de grootte en de schaal van de bergen: echt enorm!! Na een uur zonder uitzicht, daalden we in een half uur weer de trappen af en gingen ontbijten in het teahouse waar we geslapen hadden. Het was inmiddels gestopt met normaal regenen, nu viel de regen met bakken uit de hemel… We wachtten totdat de ergste regen gestopt was, maar om 9.30u moesten we echt vertrekken omdat we anders het volgende dorp waar we wilden overnachten vandaag misschien niet zouden halen. Daar gingen we weer, in de regen. We moesten omlaag naar Tadapani (2590 m. hoogte). Het afdalen via de traptreden was funest voor Josine’s knieën. Als er geen traptreden waren, was het pad waarover we liepen een grote gladde modderglijbaan… Dat maakte het lopen nog eens extra intensief omdat we zo moesten oppassen niet uit te glijden. Rond 15.30u kwamen we -nog steeds in de regen, na ongeveer 6 uur wandelen- in Tadapani aan. En daar bleek het heel druk! Pas het 3e teahouse dat we probeerden had plek. Helaas hadden we in Tadapani nog steeds geen uitzicht… We bestelden thee, hingen onze natte kleding te drogen bij de kachel, trokken schone droge kleding aan, en bestelden alvast het avondeten. De routine begon steeds meer te wennen. Na het avondeten weer op tijd naar bed.

CIMG2231_2   DSC01811_2

Op zo’n trekking kom je onderweg regelmatig dezelfde wandelaars weer tegen. Het is leuk om ervaringen en tips uit te wisselen en bij te kletsen over hoe hun dag is geweest. Het is dus erg makkelijk om contact te maken met andere reizigers, en dat maakt het ook gezellig! Veel wandelaars zijn in een georganiseerde groep met gidsen en dragers. Echt enorm respect voor die dragers!! Die lopen op slippertjes of sneakers door de modder en zweven over de traptreden, zonder speciale functionele kleding, met bagage die minstens 3x zo zwaar is als wat wij per persoon bij ons hebben (vaak een aantal backpacks aan elkaar geknoopt, hangend op hun rug aan een draagband om hun voorhoofd), en halen ons lachend en fluitend op hoog tempo in.  Zo’n drager mag 30 kg dragen, en een ezel ongeveer 50 kg. We zien onderweg werkelijk vanalles omhoog gedragen worden: bedbodems, matrassen, blikken platen, triplex platen, gras (veevoer, dat groeit niet op die hoogte), eten en drinken om te koken en te verkopen in de teahouses, gasflessen, kooktoestellen, kippen, enzovoorts. Logischerwijs: hoe hoger je komt, hoe duurder het eten en drinken. Maar de prijs valt nog steeds wel mee:  voor 3000 rupees (ongeveer € 22,50) heb je een overnachting, drankjes, avondeten en ontbijt voor 2 personen.

Vrijdag ochtend (4e wandeldag) weer hetzelfde ritueel: 7u op, 7.30u ontbijt en daarna weer op weg. We hadden allebei flink spierpijn van de vorige dag. Gelukkig was het deze dag overwegend droog, maar dat maakte de modder er nog niet minder op. Verder ging de afdaling, gelukkig minder traptreden en geleidelijker. Doel van vandaag was Ghandruk (1940 m. hoogte), een groter dorp op ongeveer 2,5 uur lopen vanaf het vertrekpunt. Het ‘nadeel’ van een groter dorp was dat er ook brutalere kindjes rondliepen, die maar bleven bedelen om snoep/chocolade, en die dachten dat voor elkaar te krijgen door onze wandelstokken vast te blijven houden. Ondanks onze planning deze dag een korte wandeldag te hebben en in Ghandruk te blijven slapen, voelden we ons niet zo prettig bij de sfeer in het dorp. Daarom liepen we verder met het idee een dorp verderop te stoppen om te overnachten. Onderweg kwamen we een Koreaan tegen, die vertelde dat hij vanuit Kimche (1638 m. hoogte) een jeep nam helemaal naar beneden naar Pokhara, en vroeg of eventueel wij met hem mee wilden. Aan de ene kant sprak ons dat wel aan, want de omgeving was nu toch minder mooi/interessant, we waren moe, hadden pijn, voelden ons vies en snakten naar een lekkere douche. Bovendien was het tijdtechnisch ook praktischer om een extra rustdag in Pokhara te hebben. Aan de andere kant zei een stemmetje in ons hoofd: ‘we zijn nu zo ver gekomen, nu willen we deze trekking ook af maken’. Het idee van de jeep terug won het toch van het idee de wandeling uit te willen lopen. Voor 800 rupees per persoon werden we 2,5 uur met 10 (stinkende) passagiers en een chauffeur in de jeep gepropt. Het werd een avontuurlijke rit… Over rotsachtige paadjes, stijl omlaag, trotseerde de jeep modder en gladheid, overstroomde wegen, ging voor tegenliggers de berm in vlak langs de afgrond, reed bijna kippen/geiten/voetgangers aan… Net voorbij een bocht stond een jeep geparkeerd. Onze chauffeur dacht er wel langs te kunnen, raakte eerst de spiegel en schuurde daarna met de hele zijkant langs de andere jeep… Gevolg: enorme kras, deuk, achterbumper los. Reactie chauffeur: schrik, lachen, overleg met passagiers, uitstappen en praten met de andere chauffeur. Het ging er best relaxt aan toe. Schade bekijken, achterbumper vastbinden. Geen heftige discussies. Ze zijn toch niet verzekerd dus er hoefden geen verzekeringspapieren te worden ingevuld. De auto deed het nog, dus doorrijden maar. Wij werden als laatste afgezet op ‘the strip’ (de hoofdstraat) in Pokhara, en liepen naar ons inmiddels vertrouwde guesthouse Sacred Valley-Inn. Ooooohhhhh, heerlijk!!! Dan kun je zoiets vanzelfsprekends als het nemen van een douche ineens zo enorm waarderen :). Totaal opgefrist aten we een heerlijke pasta en tiramisu na. Dat hadden we wel verdiend, vonden we!

Zaterdag hadden we dus een extra rustdag in Pokhara voordat we zouden vertrekken op onze 3-daagse rafttrip op de Kali Gandaki.

1 thought on “Pokhara en Ghorepani Circuit trekking”

Leave a Comment

Your e-mail address will not be published. Required fields are marked *